Ergonomie begint bij de kleuters

De overgang van groep 2 naar groep 3 op de basisschool brengt heel wat verandering met zich mee. Mijn kind had ook enige tijd nodig om te wennen. Niet omdat hij ineens veel meer moest leren maar omdat hij minder buiten mag spelen zo vertelde hij aan de eettafel. Dat is interessant want waar we volwassenen met man en macht in beweging proberen te krijgen, krijgen zesjarigen de opdracht om langer stil te gaan zitten.

Bij mij op kantoor is er veel aandacht voor zithouding en ergonomie dus ik vroeg hoe het hiermee op school gesteld was. Hij vertelde dat ze in groepjes van vier zitten, allen op een houten stoel en aan een houten tafel. Binnen zo’n groepje zitten twee kinderen met hun gezicht naar het bord en twee kinderen zitten met de zijkant van het gezicht naar het bord. Wanneer er iets wordt uitgelegd moeten deze kinderen dus altijd hun hoofd draaien om het goed te kunnen zien. Dit geeft een verhoogd risico op nekklachten en is derhalve geen wenselijke situatie. Daarnaast lijkt de activiteit ‘zitten’ redelijk simpel maar een verkeerde zithouding kan tot een hoop klachten leiden. Als ik nu terugdenk aan hoe ik vroeger op een stoel zat, had dat toen al beter gekund. Onderuit gezakt, wiebelen op twee poten, benen bungelend op een te hoge stoel of een gebogen rug. Ik moet er nog steeds op letten dat ik niet teveel in een gebogen houding zit want ook al is dit de meest comfortabele houding, kan dit op langere termijn leiden tot fysieke klachten. Kortom, jong geleerd is oud gedaan. Maar wat zorgelijk is, is dat we het de jeugd helemaal niet leren maar pas als we volwassen zijn (in het werkzame leven) onze slechte zithouding proberen af te leren. Daarnaast neemt het percentage zittend werk alleen maar toe dus urgentie is geboden.

De vraag is vervolgens wie hier actie op zou moeten nemen en hoe eventuele veranderingen gefinancierd moeten worden. Betreffende het eerst genoemde neem ik bij deze alvast de eerste stap om in ieder geval aandacht te vragen voor dit probleem. In de spreekkamer zie ik regelmatig de gevolgen van langdurig verkeerd zitten en dat is verontrustend. We kunnen een hoop leren uit het bedrijfsleven als het gaat om interessante ‘zit alternatieven’ die ergonomisch gezien beter zijn dan de harde houten stoel. Er kan gedacht worden aan een bureaustoel, hometrainer onder het bureau, een zitbal of helemaal geen stoel. Een sta-bureau voorkomt dat je überhaupt in een zithouding wordt gedwongen. Door in de klas te rouleren met deze materialen leren de kinderen al vroeg in het leven om op hun zithouding te letten.

Zelf ben ik een groot voorstander van de swopper, een kruk op een flexibele veer, waarbij je actief je rugspieren aanspant om rechtop te zitten. (Nee, ik heb geen aandelen!) Van deze swoppers mochten cliënten, die bij mij op het spreekuur kwamen, ook gebruik maken en dat leverde veel positieve reacties op. Helaas moesten ze na een paar weken weg omdat het te duur was. Ik hoop dat dit argument geen blokkerende zal zijn om na te denken welke preventieve maatregelen we kunnen treffen om de jeugd te beschermen. Gelukkig staan er op de school van mijn zoon nog juffen voor de klas, en hebben we vrij weinig te maken met lesuitval. Ik verkeer daarmee wellicht in een luxepositie om na te denken over dit dilemma. Ik vrees alleen dat, net zoals alle andere leefstijlinterventies, er pas wordt ingegrepen wanneer er lichamelijke klachten zijn ontstaan en er geld aan te verdienen is. Dan wordt vervolgens de klacht behandeld, en niet de oorzaak (in dit geval de slechte zithouding), zodat een zekere afhankelijkheid van het medisch circuit zal blijven bestaan. Zorgelijk!


Geef uw waardering!

Laat een reactie achter:

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *